Zuidwestelijke hoek van het Steve Bikoplein, dat tot 1982 Pretoriusplein heette. Gebouwd in opdracht van de woningbouwvereniging voor onderwijzers ACOB.
De bouw van de linkerhelft begon in 1912. Met de rechterhelft werd in 1914 een aanvang gemaakt. Een gevelsteen in dat deel herinnert eraan dat in juli 1914 de Eerste Wereldoorlog uitbrak.
De woningen bestonden uit een woonkamer met en-suite een 'ontvangkamer', twee slaapkamers, een keuken en een wc. Op zolder waren per perceel twee bergingen en twee kamers; de laatste waren naar verluidt bedoeld voor leerkrachten om er ongestoord proefwerken na te kunnen kijken.
De benedenwoning op de hoek met de Laing's Nekstraat werd in 1913 betrokken door de onderwijzer Theo Thijssen (Amsterdam 1879 - 1943) , zijn vrouw Geertje Dade (Nieuwer-Amstel 1879 - Amsterdam 1954) en hun kinderen. In 1937 verhuisde het echtpaar naar de Hogeweg. Thijssen gaf les op diverse openbare scholen hier in de buurt. Vanaf 1921 werkte hij fulltime als bestuurder van een vakbond voor onderwijzers, in 1933 werd hij lid van de Tweede Kamer voor de SDAP en in 1935 ook van de Amsterdamse gemeenteraad. Hij is nu vooral nog bekend vanwege zijn literaire werk, waaronder de roman Kees de jongen (1923).
Het complex van woningen en winkels rond het Steve Bikoplein werd na een jarenlange procedure in juni 2024 aangewezen tot gemeentelijk monument.
Steve Bikoplein 18-24, Pretoriusstraat 53, Laing's Nekstraat 34
Er zijn 1 afbeeldingen in de beeldbank van het Stadsarchief die gerelateerd zijn aan dit adres.